Immers, er is geen goede boom, die slechte vrucht voortbrengt, noch ook een slechte boom, die goede vrucht voortbrengt ( Lukas 6:43).
Vandaag wil ik stilstaan bij de vraag: hoe kan je nu weten of iemand een juiste leer brengt of niet? Misschien beantwoorden we deze vraag direct met: Nou, dat is nogal simpel, je moet wat iemand vertelt gewoon toetsen aan de Bijbel, dan weet je direct of het klopt! Toch lijkt dit gemakkelijker gezegd dan gedaan. Ja, als het om de hoofdpunten van ons geloof gaat is het vrij eenvoudig om iets te toetsen aan de Bijbel. Als iemand mij zegt: “Jezus was slechts een mens zoals jij en ik” dan is het vrij eenvoudig om uit de Bijbel aan te tonen dat Hij meer was, namelijk de Zoon van God, het vleesgeworden Woord, Immanuël, God met ons.
Wanneer het echter om diepere vragen gaat, ligt het wat moeilijker. Soms hebben we wel een onderbuikgevoel dat iets niet klopt maar vaak hebben we simpelweg te weinig kennis om iemand te kunnen toetsen. We zijn (of maken we onszelf) afhankelijk van andere mensen die wij hoogachten. We denken dan: “Hij zal het wel weten, want hij heeft er voor gestudeerd!” Maar dan zitten we nog altijd met het probleem dat ook de gestudeerden elkaar vaak tegenspreken. En dan zit je met de vraag: wie heeft er gelijk? Velen kiezen dan voor de weg om er maar niet te veel over na te denken en gewoon te aanvaarden wat hen het meest aanspreekt. Maar dan kan je je afvragen: is dat niet een beetje de kop in het zand steken?
Wat uit dit alles in ieder geval wel blijkt is dat leraren van Gods woord een grote verantwoording dragen, want of zij dit nu willen of niet: zij worden door velen klakkeloos gevolgd. Jakobus wijst hier al op in zijn brief: Laat niet zovelen uwer leraars zijn, mijn broeders; gij weet immers, dat wij er des te strenger om geoordeeld zullen worden (Jakobus 3:1). Voor een leraar geldt: als je iets als waarheid verkondigt dan moet je hier wel 100% van overtuigd zijn en mocht dit niet zo zijn, dan kan je je boodschap beter presenteren als een mogelijkheid. Want wie weet, breng je de mensen wel op een dwaalspoor.
Het past leraren om bescheiden te zijn, want wij allen moeten met Paulus beamen: Want nu zien wij nog door een spiegel, in raadselen, doch straks van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik onvolkomen, maar dan zal ik ten volle kennen, zoals ik zelf gekend ben (1 Kor. 13:12).
Toch biedt de Bijbel ons wel een handreiking om te kunnen onderscheiden of iets wel of niet juist is. Het is de tekst die ik boven deze overdenking heb geplaatst: Immers, er is geen goede boom, die slechte vrucht voortbrengt, noch ook een slechte boom, die goede vrucht voortbrengt ( Lukas 6:43).
In eerste instantie gaat deze tekst over goede of slechte mensen. Een goed mens brengt goede vruchten voort en een slecht mens brengt slechte vruchten voort (zie vers 45). Dat wat in je hart leeft wordt een keer van buiten zichtbaar. Hoe belangrijk is het dus dat wij een hart hebben waarin Christus Jezus woont! Hoe mooi is het als Hij zichtbaar wordt in ons leven.
Maar zoals Christus in ons hart woont, zo kan ook ons hart beheerst worden door een bepaald leerstelling. En ook hierin zien wij de vrucht verschijnen. En dus ook bij degene die de leerstelling brengt. Vroeger of later komt de waarheid in de vorm van de vrucht aan het licht. Immers, de Geest van Christus is de Geest der waarheid (Johannes 14:17). Deze Geest brengt de vrucht voort van een wandel in waarheid. En: Want een ieder, die kwaad bedrijft, haat het licht, en gaat niet tot het licht, opdat zijn werken niet aan de dag komen; maar wie de waarheid doet, gaat tot het licht, opdat van zijn werken blijke dat zij in God verricht zijn. Wanneer ons hart vervuld is van de waarheid, zal de waarheid ons vrijmaken. Is ons hart vervuld van leugen, dan worden wij gebonden door dezelfde leugen.
Al met al is het dus wel degelijk van belang welke leerstellingen wij geloven en wie wij wel of niet navolgen. Niet voor niets staat er in Hebr.13:7: Houdt uw voorgangers in gedachtenis, die het woord Gods tot u hebben gesproken; let op het einde van hun wandel en volgt hun geloof na. Wanneer je iemand navolgt, let dan op het einde van de wandel van zo iemand. De vrucht laat zien of hij op het juiste spoor zat.
Nu kan het natuurlijk zijn dat iemand wel de waarheid spreekt, oftewel de juiste leer brengt, maar dat diens levensstijl hier niet mee overeenstemt. Dan is de levensstijl in strijd met de woorden. Hier spreekt Titus over in Titus 1:16 wanneer hij spreekt over de Kretenzen: Zij belijden wel, dat zij God kennen, maar met hun werken verloochenen zij Hem, daar zij verfoeilijk en ongehoorzaam zijn en niet deugen voor enig goed werk. In dit geval is het echter overduidelijk dat de levensstijl in strijd is met het kennen van God. Wanneer het gaat om de vrucht van hetgeen geleerd wordt zie je dat meestal niet direct, en duurt het wat langer voordat het aan het licht komt.
Om het bovenstaande wat te verduidelijken zal ik hieronder een voorbeeld geven: Sommigen leren de zogenaamde dubbele predestinatieleer. Kort samengevat zegt deze leer dat dat God van eeuwigheid af (dus nog voordat enig mens geboren werd ) heeft bepaald wie er gered worden (uitverkiezing) én wie er verloren gaan (verwerping). Mogelijk zegt ons onderbuikgevoel al: dit klopt niet. Maar wat doe je dan met de Bijbelteksten die dit lijken te leren (bv: Rom. 9:11-16)?
Ik zal in deze overdenking niet ingaan op de details van deze leer, maar wil wel nadenken over de eventuele vrucht in de levenswandel. Want wat voor gevolg voor je levenswandel kan het hebben als je gelooft dat je nu eenmaal bent voorbestemd, ten leven of ten verdoemenis?
Deze leer komt er eigenlijk op neer dat jouw levensstijl niets kan veranderen aan Gods besluit. Dan komt er al snel om de hoek kijken: "als ik toch niets aan Gods besluit kan veranderen, waarom zou ik dan nu nog mijn best doen om rechtvaardig en heilig te leven? Dan kan ik mij net zo goed laten gaan en eindelijk eens doen waar ik zin in heb. Het maakt toch allemaal niet uit." En hier zien we de vrucht verschijnen. Een losbandig leven ten gevolge van een verkeerde leer. Hiermee wil ik overigens niet beweren dat iedereen die de dubbele uitverkiezingsleer aanhangt er ook een losbandige levensstijl op nahoudt. Er kan echter wel een verband zijn tussen de leer en de levensstijl.
De dubbele predestinatie leer ondermijnt overigens ook de drang tot evangelisatie (zie ook mijn overige overdenking). Immers: als het getal van geredde mensen toch al vastligt, wat zou ik dan mijn best doen om anderen te bereiken? De leer die wij geloven kan wel degelijk zijn invloed uitoefenen op hoe wij leven en wat wij doen. Daarom is het nodig waakzaam te blijven en de woorden van Petrus ter harte te nemen:
Maar heiligt de Christus in uw harten als Here, altijd bereid tot verantwoording aan al wie u rekenschap vraagt van de hoop, die in u is, doch met zachtmoedigheid en vreze, en met een goed geweten, opdat bij al het kwaad, dat men van u spreekt, zij die uw goede wandel in Christus smaden, beschaamd gemaakt worden (1 Petrus 3:15-16).
Voetnoot: Alle Bijbelteksten in deze overdenking zijn ontleend aan: Vertaling 1951 in opdracht van het Nederlands Bijbelgenootschap bewerkt door de daartoe benoemde commissies, © Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap, 1951.