Dwaalgeesten

Gepubliceerd op 15 juni 2026 om 14:01

Maar de Geest zegt nadrukkelijk, dat in latere tijden sommigen zullen afvallen van het geloof, doordat zij dwaalgeesten en leringen van boze geesten volgen (1 Tim.4:1)

Persoonlijk ben ik een voorstander van verdraagzaamheid als het gaat om de juiste uitleg van de Bijbel. Immer alleen Gods woord is de waarheid en onze uitleg van dit woord blijft altijd beperkt. We blijven ook in onze uitleg falende mensen, Niemand is volmaakt in zijn uitleg. We vergissen ons allemaal op een of ander gebied, en misschien behoedt dat ons er wel voor om arrogant te worden, of, om het met het woord uit 1 Kor. 8:1 aan te duiden: opgeblazen. Ja, kennis van Gods woord, kan, wanneer een nederige houding ontbreekt, leiden tot opgeblazenheid. Zelfs hele geloofsgemeenschappen kunnen hieraan lijden. Zij verworden tot sekten die de enige waarheid claimen.

In reactie hierop zie je een heel andere beweging. Ik wil deze beweging samenvatten met het zinnetje: Ik heb mijn waarheid, jij hebt jouw waarheid en we respecteren elkaars waarheid.

Ja, dan is het niet zo moeilijk om de eenheid te bewaren. Immers wat maakt het uit wat we denken of leren. Elke waarheid mag toch bestaan?

Maar bestaat er dan geen waarheid die eigenlijk een leugen is waar we als gelovigen afstand van moeten nemen? U zult wel begrijpen dat ik hier een volmondig ja op antwoord. Zeker als we de tekst boven deze overdenking goed lezen. Volgens Paulus bestaan er leringen (hieronder ook vervat: uitleggingen van de Bijbel) die hun oorsprong niet vinden in Gods Geest, maar in dwaalgeesten en boze geesten. Voor boze geesten staat hier in de grondtaal: demonen. Je kunt dus spreken van demonische leringen.

En zouden wij als gelovigen in wie Christus woont, hiervan geen afstand van nemen? Natuurlijk wel, immers zulke leringen hebben als resultaat dat je (om het met de woorden van Paulus te zeggen) afvalt van het geloof. Oftewel, zulke leringen bereiden je ondergang. Als voorbeeld van een boze lering noemt Paulus hier het verbieden van het huwelijk of bepaalde spijzen. Hier wil ik nu niet in detail ingaan, maar waar het mijns inziens om gaat is het feit dat door deze leringen afbreuk gedaan wordt aan het volbrachte werk van Jezus Christus.

Welke valse lering je ook onderzoekt, op een of ander manier tast het datgene aan wat Jezus Christus voor ons volbracht heeft, namelijk een volledige rechtvaardiging, een volledige verzoening met God, een volledige verlossing van de zonde en een volledige redding door Hem, uit genade.

De valse lerlng in deze tekst zegt waarschijnlijk zoiets als: als je echt gered wil zijn is wat Jezus Christus voor je gedaan heeft niet voldoende. Nee, wil je echt een goede gelovige zijn, dan mag je niet trouwen en moet je je onthouden van dit of dat te eten. Eigenlijk dus een vorm van wetticisme dat ook wij in onze tijd in allerlei gedaanten tegen komen.

Je mag zus niet, je mag zo niet, wil je een goede gelovige zijn. En als je hierin meegaat, zal je snel ontdekken dat je je vrede en rust in Christus bent kwijtgeraakt. Immers voor een deel hangt je heil nu van jezelf af. Je IK, die keer op keer faalt. Stapje voor stapje wordt je geloof je tot een last, die je liever zou afwerpen. En sommigen doen dit dan ook: zij vallen af van het geloof. Maar……in Hem, in Christus hebben wij reeds alles ontvangen wat wij nodig hebben! In Hem hebben wij immers de volheid ontvangen (Kol.2:10). Wij mogen in vrede met God leven.

Tegenover dit wetticisme komen we echter ook nog een ander kenmerk van de leringen van boze geesten tegen. Ook dit kenmerk breekt ten diepste het volbrachte werk van Christus af. Deze lering komt met een andere drogredenatie. Het is de drogredenatie waar Paulus naar verwijst in Efeze 5:6: Laat niemand u misleiden met drogredenen, want door zulke dingen komt de toorn Gods over de kinderen der ongehoorzaamheid.

Uit het vervolg van deze tekst blijkt dat hier sprake is van een levensstijl die het licht van God niet kan verdragen. Oftewel: wel gelovig zijn, maar in de praktijk leven als een goddeloze. In vers 7 omschrijft Paulus het als een meedoen met hen die God ongehoorzaam zijn. En ook hier zijn demonische leringen aan het werk. Het is de leer die je vertelt: als Jezus voor al je zonden is gestorven, maakt het niet meer uit wat je doet, immers Hij heeft toch voor alles betaald. Leef maar raak, alles is geoorloofd, en alles komt toch wel goed!

Ook van deze valse leringen zouden wij afstand moeten nemen. Immers ook deze lering keert zich (nu op een andere manier) tegen het volbracht werk van Jezus Christus. Immers het maakt zijn kruisiging en opstanding tot een aanfluiting. Want dat wat zo mooi is, rechtvaardiging, verzoening, verlossing van zonde, redding wordt misbruikt als een verontschuldiging om te kunnen zondigen.

Laten wij dicht bij de waarheid blijven en met ons hart instemmen met de volgende woorden:  Wat zullen wij dan zeggen? Mogen wij bij de zonde blijven, opdat de genade toeneme? Volstrekt niet! Immers, hoe zullen wij, die der zonde gestorven zijn, daarin nog leven? (Romeinen 6:1-2) 

Voetnoot: Alle Bijbelteksten in deze overdenking zijn ontleend aan: Vertaling 1951 in opdracht van het Nederlands Bijbelgenootschap bewerkt door de daartoe benoemde commissies, © Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap, 1951.